Oracle Spatial dag 2011 - Synergie op de kaart - Lieke Verhelst; Bram Schiltmans; Theo Thijssen; Han Wammes

Jaarlijkse OGh/Oracle Spatial-dag bij Oracle Nederland in Utrecht

 

 

Oracle Spatial 2011 - Synergie op de kaart

 

 
 

De OGh en Oracle Nederland kunnen dit jaar terugkijken naar een succesvolle Spatial dag met een keur aan onderwerpen. Voor veel van de in totaal 74 deelnemers was deze dag de eerste kennismaking met de nieuwe Oracle locatie in Utrecht langs de A2 in ‘De Wall’.

 

Door OGh SIM Commissie

 

Anders dan gebruikelijk had de Spatial Information Management SIG ervoor gekozen in de ochtend parallel sessie te houden en het plenaire deel in de middag. Doordat de deelnemers direct na de eerste sessie in pauze de ervaringen over de parallelsessies gingen uitwisselen werkte dit principe goed ondanks een wat chaotische start. Om een beeld te krijgen van de dag volgt hier een verslag van de verschillende sessies. De hand-outs van de presentaties zijn te vinden op de OGh website.

 

Ochtendsessies

 

Parallel track 1 : Datakwaliteit en PDOK

 

Waarom Amsterdam niet zonder topologie kan

Jeroen de Vries, Dienst Persoons- en Geo-Informatie, Gemeente Amsterdam

 

In deze enigszins technisch georiënteerde sessie betoogde Jeroen de Vries van de gemeente Amsterdam dat het gebruik van topologie belangrijke voordelen heeft bij de opbouw van basisbestanden in de hoofdstad. In de praktijk zijn er niet zo veel gebruikers van Oracle Spatial waar topologie wordt toegepast, verreweg de meeste beperken zich tot het gebruik van ‘simpele’ geometrie.

Voor degenen die niet helemaal in deze materie zitten begon Jeroen met een uitleg over de principes van topologie. In essentie komt het er op neer dat naast de (geometrische) vorm van objecten ook een aantal relaties, bijvoorbeeld tussen aangrenzende objecten, expliciet wordt vastgelegd. Dit leidt tot voordelen bij de kwaliteitsbewaking van de data, bij het afleiden van andere produkten en ook op het gebied van efficiency en performance. Hiermee is niet gezegd dat topologie alles oplost: interpretatiefouten kunnen nog steeds optreden, net als temporele fouten. Ook bij attribuut validatie helpt topologie niet echt, en geometrie kan nog steeds simpelweg verkeerd zijn, hoewel topologisch gezien correct.

 

Toegevoegde waarde

In Amsterdam wordt topologie toegepast bij de opbouw van de kleinschalige topografie. Uit deze dataset worden vervolgens andere produkten afgeleid, zoals TOP10NL, de stadskaart en andere, speciale produkten. Aan de hand van concrete voorbeelden liet Jeroen zien waar topologie een toegevoegde waarde heeft. Het blijkt bijvoorbeeld eenvoudig te controleren op overlap en gaten in de opgebouwde dataset. Bij het genereren van kartografie, onder andere stippellijnen voor overkluizing en overbouw, levert de topologie de benodigde (grafische) elementen. Een andere toepassing van topologie is de extractie van TOP10NL hoogteniveaus, die in Amsterdam afwijkt van de ‘lokaal’ gebruikte niveaus.

Wat betreft software tools gebruikt men in Amsterdam GeoMedia Professional (Intergraph) voor het ‘tekenwerk’, Radius Topology (1Spatial) voor de opbouw van topologie en Oracle Spatial voor de opslag van de gegevens. Voor allerlei conversies wordt FME (Safe Software) gebruikt. In de tijd dat men begon met topologie waren er nauwelijks produktierijpe alternatieven voorhanden, wat mede heeft geleid tot de beschreven omgeving, die overigens nog steeds goed voldoet. Het bleek wel een forse investering te zijn in kennis en het opbouwen van ervaring, maar alles afwegende heeft men geen spijt van de gemaakte keuzes.

 

Naar aanleiding van de vragen en discussie na afloop van de presentatie kon Jeroen nog melden dan men in Amsterdam bezig is na te denken hoe de kleinschalige datasets automatisch af te leiden zijn uit grootschalige datasets (op dit moment kenmerken de diverse schalen zich nog door gescheiden produktie processen).

 
 
 
 

Publieke Dienstverlening op de Kaart (PDOK), een robuuste voorziening gebouwd onder architectuur

Door Pieter Meijer, RWS (en Programmamanager PDOK Vraag en Verbinding)

 

De partijen in het PDOK consortium zijn het Ministerie van Infrastructuur en Milieu, Kadaster, Rijkswaterstaat, het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, en Geonovum. Met elkaar hebben deze als hoofddoelstelling voor PDOK ‘het betrouwbaar en toekomstvast beschikbaar stellen van landsdekkende geo-informatie’. Pieter Meijer legde uit dat het verkrijgen van geo-informatie op dit moment nog best lastig is, en dat PDOK beoogt hierin een significante sprong voorwaarts te betekenen.

 

De baten van PDOK zijn onder andere:

- betere dienstverlening

- compliance met INSPIRE

- kostenreductie

- hogere efficiency en kwaliteitsverbetering door nauwere samenwerking

- bevorderen van samenwerking met het bedrijfsleven door betere toegankelijkheid van              geo-informatie.

 

Sinds de start van PDOK in 2007 zijn steeds meer concrete resultaten in de boeken bij te schrijven. Op dit moment zijn meer dan 100 (overheids)organisaties aangesloten bij PDOK. Het Nationaal Georegister bevat meer dan 3500 verwijzingen naar datasets, waarvan er nu 20 ‘live’ beschikbaar zijn. De ontsluiting van geo-basisregistraties is goed op gang aan het komen en een eerste aanzet tot robuust datamanagement is gemaakt. PDOK bestaat uit een ‘motor’ (data en metadata) met daarop ‘open’ (gestandaardiseerde) services. Uiteindelijk komt de geo-informatie als webservices beschikbaar voor de aangesloten organisaties.

 

Pieter Meijer gaf aan dat het ‘werken onder architectuur’ bij het PDOK programma vooral een hulpmiddel is. Het is een manier van werken die ertoe moet leiden dat men grip houdt op het proces. De gekozen architectuur moet een rol spelen in de totale levenscyclus, vanaf de planning, via de ontwikkeling tot en met de implementatie en het beheer van het PDOK programma. Het nu geformuleerde ‘Project Start Architectuur’ geeft de spelregels voor de realisatie en het beheer van PDOK.

 


Parallel track 2 : Open Data en

Semantiek

 

Open Data en Semantiek

Door Frank Verschoor, AgentschapNL, Lieke Verhelst, Universiteit Wageningen en Mark Vloermans, Age of Peers

 

Het onderwerp Open Data was in de Oracle Spatial dag opgenomen vanwege de actualiteit van het onderwerp. Vanuit de nationale overheid is een sturende beweging gaande die lagere overheden en overheidsorganisaties aanspoort om data vrij ter beschikking te stellen omdat dit over het algemeen innovatie bevordert. Frank Verschoor van Agentschap NL gaf hierover tekst en uitleg. De basis voor dit beleid is gelegd in de Digitale Agenda. De uitvoering is vormgegeven door het openen van een portaal waar overheden hun data in kunnen publiceren:www.data.overheid.nl.

 

 
 
 

Open mind

Open Data vraagt om een open mind, zegt Frank. “We weten nog niet hoe sommige dingen gaan uitpakken, bijvoorbeeld het bewaken van de kwaliteit van de datasets, of het samenwerken tussen donoren en afnemers. We weten nog niet wat het combineren van datasets aan nieuwe inzichten gaat opleveren en of dit altijd even positief uitpakt. Wat we wel weten is hoe het werkt in andere landen (Engeland, de VS). Hiervan kunnen we leren. “

Hoe de toekomst van het internet er uitziet als Open Data een succes wordt schetste Lieke Verhelst van de Wageningen Universiteit. Open Data kan in verschillende formaten worden aangeboden. Het is al goed als het vrij (zonder licentie) wordt aangeboden. Het wordt steeds beter, bruikbaarder als het door machines kan worden verwerkt. Uiteindelijk zullen we, volgens de grondlegger van het WWW Tim Berners-Lee, een data-web gaan bouwen. Dit is een web van gelinkte gegevens, vergelijkbaar met gelinkte documenten. Zo maak je samenhang in data operationeel en effectief.

 

Marc Vloermans van Age of Peers zette het publiek weer met de benen op de grond. Open Data, mooi hoor, maar hoe weet je wat de waarde ervan is? En hoe borg je kwaliteit? Wat is de rol van de overheid bij bestanden met een nationaal belang zoals Top10NL (dit bestand wordt vanaf 1 januari 2012 vrijgegeven als Open Data) . Hoe stuur je succes? Marc pleitte voor een samenwerking in een PPS-structuur (Publiek Private Samenwerking), concessies en verschillende soorten Open Data met verschillende kwaliteitsniveaus.

 

 

Plenaire sessies

Oracle Spatial update and strategy

Door Siva Ravada, Director Spatial Development, Oracle

 

Na de lunch, waarbij de discussies soms zo interessant waren dat men vergat te eten, startte het plenaire deel van het programma, waarvoor de twee zalen uit de ochtend zijn omgetoverd tot een grote zaal. In dit plenaire wordt het spits afgebeten door Siva Ravada, want wie kan ons nu beter op de hoogte brengen van de laatste ontwikkelingen dan hij. Naast de nodige verbeteringen op de gebieden 3D en OBIEE, zagen de deelnemers een glimp van hoe Spatial performt op een Exadata machine. En hoewel het met machines tot 128 cores wel een beetje valt in de categorie ‘gooi er vooral veel hardware tegenaan’, zijn de resultaten ronduit indrukwekkend. Door gegevens te partitioneren op basis van de ruimtelijke positie, kan de Exadata databasemachine een bijna lineaire performancewinst halen bij parallelle uitvoering van een query. Een voorbeeldje van de winst bij uitvoeren van een spatial query op 36 miljoen rijen: standaardmachine 50 seconden, Exadata (64 cores) 1,28 seconden. De kosten zijn aanzienlijk, maar als performance belangrijk is, dan is het goed om te weten dat deze optie er is.

 

Implementatie van een nationale 3D standaard

Door Jantien Stoter,TU Delft, Geonovum èn Kadaster

 

In de tweede sessie nam Jantien Stoter ons mee in de 3D-wereld van de pilot die (mede) door Geonovum is uitgevoerd. Door met een flink aantal partners te bekijken welke extra mogelijkheden 3D biedt ten opzichte van 2D en dat ook daadwerkelijk in de praktijk te brengen hebben alle partijen een flinke stap vooruit gezet. De eerste fase van de pilot richtte zich met name op inwinning van data, te gebruiken standaarden en specifieke use-cases, en is inmiddels afgerond. Momenteel loopt de tweede fase van de pilot, waarbij de nadruk ligt op nog concretere zaken als tools, technieken en een starterskit. Voor informatie over de resultaten van fase 1 en voor het aanmelden voor fase 2 kunnen belangstellenden terecht op de website van Geonovum.

 

Beyond route navigation

Door Ed Snijders, TomTom

 

Het programma werd besloten met Ed Snijders diede deelnemers begeleidde op de wegen naar de toekomst. Ed liet zien hoe TomTom werkt aan verbetering van de producten, waarbij de kaarten en navigatie natuurlijk het meest in het oog springen. De moderne navigatiesystemen wijzen gebruikers niet alleen de snelste route, maar verzamelen ondertussen ook gegevens over het wegennetwerk en verkeersdruktes. En hoewel het traditionele inwinning (nog) niet heeft vervangen, levert het wel een duidelijke bijdrage aan de kwaliteit van de kaarten. En daar komt natuurlijk nog bij dat meer informatie over verkeersdruktes betekent dat gebruikers sneller een alternatieve route krijgen geboden en dus gewoon eerder op hun bestemming zijn. Misschien dat daarom wel het programma iets eerder afgelopen was dan gepland.

 

Tot slot was er natuurlijk nog een gezellige borrel waar volop gediscussieerd werd over alles wat die dag gepresenteerd is. Maar er moet gezegd worden dat open data toch wel erg vaak genoemd werd. Hopelijk waait de hype niet over, want het heeft zeker potentie. Al met al een zeer geslaagde dag. Het wordt een uitdaging om in 2012 de Spatial Dag van dit jaar te overtreffen.

 

Auteurs van OGh SIM Commissie: Lieke Verhelst, Universiteit Wageningen, Bram Schiltmans, Rijkswaterstaat, Theo Tijssen, TU Delft, Han Wammes, Oracle en Milan Uitentuis, ATLIS.